Tips

Mindmappen

U heeft vast wel eens gehoord van het begrip mindmappen – misschien maakt u er in uw lessen wel gebruik van. Deze grafische manier van aantekeningen maken, zou bij het studeren helpen om details van hoofdzaken te onderscheiden en informatie logisch te ordenen in het geheugen. In deze tips&trucs leggen we aan uw leerlingen (vo) uit hoe het werkt en welke software ze er eventueel bij kunnen gebruiken. Mindmappen Het woord ‘mindmappen’ klinkt misschien een beetje raar, maar het is simpelweg een nieuwe manier van aantekeningen maken. Bij mindmappen gaat het om een combinatie van schrijven en tekenen. Een mindmap [of een woordspin, of een visueel schema] is een soort spinnenweb van sleutelwoorden bij een bepaald onderwerp. Je kunt het tijdens de les gebruiken om aantekeningen te maken, maar ook om een woordjes te leren of een boekverslag, werkstuk of proefwerk voor te bereiden. Een mindmap is eigenlijk een creatief spiekbriefje, waarmee je leerstof veel sneller kunt herhalen en presentaties makkelijker kunt opzetten. In deze tips&trucs lees je hoe het werkt. Mindmappen past goed bij de manier waarop je hersenen informatie opslaan. Bij lezen, rekenen en schrijven maak je vooral gebruik van je linker hersenhelft. Maar als je een tekening [onderdeel van de mindmap] maakt, gebruik je vooral je réchter hersenhelft. Juist met dat deel van je hersenen kun je meer gegevens onthouden – en dát wil je natuurlijk, als je een proefwerk leert! Je ziet in één oogopslag structuur in de informatie. In het begin kost het misschien wat tijd, maar terwijl je aan het tekenen bent en over verbanden nadenkt, ben je eigenlijk al aan het leren. Uiteindelijk levert je dat dus tijd op! Terwijl de kleurige mindmap groeit, op je papier of op het scherm, gebeurt er al een heleboel in je hoofd. Omdat je tegelijkertijd je linker- én je rechterhelft aan het werk zet, wordt de stof beter in het geheugen opgeslagen. Als je dan voor je proefwerk gaat leren en je ziet de mindmap weer, dan haalt die tekening weer informatie naar boven, uit allerlei hoeken en gaten van je geheugen. Een mindmap op papier Om een mindmap op papier te maken, heb je een groot vel papier nodig. Als je in de les zit, kun je je schrift openleggen en twee pagina’s gebruiken. De mooiste mindmaps maak je met een pen en verschillende kleuren [markeer]stiften. Een belangrijke tip voordat je begint: gebruik steekwoorden en zo weinig mogelijk tekst. Aan de slag! -Schrijf of teken in het midden van je papier het hoofdonderwerp van je mindmap [bijvoorbeeld vulkanen, Tweede Wereldoorlog, bouwkunst]. Zet er een cirkel omheen. -Verdeel je hoofdonderwerp vervolgens in kleinere onderwerpen [deelonderwerpen] en zet deze [ruim] om je hoofdonderwerp heen. Teken vanuit het hoofdonderwerp lijnen [takken] aar de deelontwerpen. Op de lijn kun je het verband beschrijven. Gebruik voor ieder deelonderwerp een andere kleur. Teken als het kan plaatjes of symbolen bij de woorden: zo onthoud je ze beter. -Gebruik naast kleuren ook vormen als vierkanten, cirkels, driehoeken, etc. om aan te geven welke deelonderwerpen bij elkaar horen. Een mindmap op de computer Een nadeel van werken op papier is dat het soms wat chaotisch kan worden. Je kunt niet makkelijk een tak verplaatsen, bijvoorbeeld. Op de computer kan dat wel, met verschillende software. Misschien heeft je docent deze software wel tot zijn beschikking [een van de bekendste is eMindmaps], anders kun je deze online versie proberen: www.bubl.us (klik op Start Brainstorming). De site is in het Engels, maar vrij makkelijk te begrijpen. Bubbl werkt niet met lijnen, maar met blokjes. Het principe is hetzelfde. De belangrijkste tips voor je mindmap - gebruik steekwoorden en zo weinig mogelijk tekst - gebruik verschillende kleuren - teken plaatjes bij de woorden, zo onthoud je ze makkelijker - schrijf in blokletters, niet in schrijfletters - schrijf klein: kleine letters onthoud je beter - verbind delen van je mindmap met pijlen en kleuren - omcirkel de delen van je mindmap die bij elkaar horen Zoek binnen Google afbeeldingen maar eens op ‘mindmap’, dan vind je veel verschillende voorbeelden. Uit: Vives nummer 102
blog comments powered by Disqus